Jochem Uytdehaage, de voormalige schaatskampioen die in 2002 in Salt Lake City twee olympische titels veroverde, deelt openhartig hoe zijn lichaam hem nu nog dagelijks uitdaagt. In februari 2007 beëindigde hij zijn topsportcarrière tijdens de WK Allround in Thialf, omdat zijn prestaties niet meer aan de verwachtingen voldeden. Het afscheid van de topsport liet een leegte achter, iets dat hij nog altijd voelt.
“Het liefst zou ik elke dag sporten,” vertelt Jochem. Zijn passie voor beweging en competitie is nooit verdwenen, maar zijn lichaam laat hem niet alles meer doen wat hij zou willen. Hardlopen is bijvoorbeeld niet meer mogelijk, en ook krachttraining kan hij niet meer uitvoeren zoals vroeger. Dat doet pijn, zeker voor iemand die zijn leven lang gewend was aan intensieve trainingen. Toch probeert hij positief te blijven en te waarderen wat wél mogelijk is. “Aan de andere kant moet ik ook niet te veel zeuren en moet ik blij zijn met wat ik wél kan,” zegt hij.
Een belangrijke reden voor zijn beperkingen is inspanningsastma, een aandoening die hij al kende tijdens zijn actieve jaren. Tijdens races had hij altijd een hoeveelheid slijm rond zijn mond, een teken van zijn luchtwegproblemen. Zelfs nu, jaren later, heeft hij daar nog last van. “Als het buiten koud is en ik ga een stuk fietsen, heb ik twee dagen last van mijn luchtwegen. Ook in indoorhallen merk ik dat het mijn ademhaling beïnvloedt,” legt Jochem uit. Ondanks de uitdagingen probeert hij een balans te vinden tussen wat hij graag zou doen en wat zijn lichaam aankan.
Het gemis van intensief sporten blijft echter voelbaar. Jochem kijkt met weemoed terug op zijn actieve jaren en de voldoening die topsport hem gaf. Toch blijft hij betrokken bij de sport, geniet hij van beweging waar mogelijk en deelt hij zijn ervaringen om anderen bewust te maken van de gevolgen van inspanningsastma. Zijn verhaal toont dat ook kampioenen te maken krijgen met beperkingen, en hoe belangrijk het is om daar op een realistische manier mee om te gaan.